De
geboorte van heiligheid in deze wereld
Een Kerstboodschap
door
Robert Perry
De Cursus heeft meerdere visies over het Kerstverhaal. Hier volgt een visie
die ik onlangs overdacht heb.
I.
Jezus’ geboorte betekent een algemeen
principe
dat
niet tot één gebeurtenis beperkt is.
De Cursus weigert voortdurend zich op de geboorte van Jezus te richten
als een volstrekt eenmalige
en een niet te herhalen gebeurtenis, zoals dat in de Christelijke
traditie gezien wordt. In plaats daarvan ziet de Cursus Kerstmis
als een voorbeeld van een principe dat zijn waarde iedere dag
heeft, hier en nu, een principe dat in onze eigen levens in de
praktijk gebracht dient te worden. Zie het volgende citaat:
Verbind je in deze
(kerst)tijd, waarin de geboorte van heiligheid in deze wereld
gevierd wordt, met mij die de keuze voor heiligheid voor jou gemaakt
heeft. Het is onze gezamenlijke taak de gastheer die
God voor Zichzelf heeft aangesteld het besef van grootheid te
doen hervinden. (T15.III.7:1-2)
Zie dat Kerstmis hier ‘de geboorte van heiligheid
in de wereld’ genoemd wordt. Daar gaat de belangstelling van
de Cursus naar uit – naar heiligheid die in een onheilige wereld
geboren wordt en die de dingen, zoals ze nu zijn, omkeert. Jezus’
geboorte mag misschien het voornaamste voorbeeld hiervan zijn,
maar het was nog steeds slechts een enkel voorbeeld. De Cursus
vraagt niet van ons dit voorbeeld te verheerlijken, maar de essentie
ervan in ons eigen leven te herhalen.
Want in dit ogenblik is vergeving gekomen om
me vrij te maken. De geboorte van Christus is nu, zonder
een verleden of een toekomst. Hij is gekomen om Zijn
tegenwoordige zegen aan de wereld te geven en die tot tijdloosheid
en liefde terug te brengen. En liefde is eeuwig aanwezig,
hier en nu. (WdII.308.1:5-8)
In de Cursus zijn ‘Jezus’ en ‘Christus’ twee verschillende termen. Dit
citaat spreekt over ‘Christus’ geboorte’ in plaats van
‘Jezus’ geboorte’. En met welke bedoeling komt Christus
hier? Hij komt om Zijn zegen aan de wereld te geven, een zegen
die de dingen in de wereld zoals ze zijn omkeert en ze ‘tot
tijdloosheid en liefde terugbrengt’. Wie zou er niet alles
voor over hebben om dat te zien gebeuren?
Het teken van Kerstmis
is een ster, een licht in de duisternis. Zie het niet
buiten jezelf, maar stralend in de Hemel van binnen, en accepteer
het als het teken dat de tijd van Christus is gekomen. Hij
komt en stelt geen eisen. Hij vraagt geen enkel offer,
in welke vorm en van wie ook. In Zijn Tegenwoordigheid
verliest heel het idee van offeren alle betekenis. Want
Hij is de Gastheer van God. (T15.XI.2:1-6)
Dus nogmaals, het
is Christus die tot ons komt (in plaats van Jezus). En Hij komt
als pure liefdeskracht zonder enige eis. Heb jij wel eens iemand
ontmoet die geen eisen stelde of verlangens had? Geen enkele eis?
De wereld bestaat een en al uit eisen. En iemand die hier komt
en geen eisen stelt heeft een kracht in zich om de wereld volledig
te transformeren.
Zolang vergeving niet totaal is, heeft de wereld
wel degelijk een bedoeling. Ze wordt het huis waarin
vergeving geboren wordt, waar ze groeit en sterker wordt en allesomvattender.
Hier wordt ze gevoed, want hier is ze nodig. Een
zachtmoedige Verlosser, geboren waar zonde werd gemaakt en schuld
werkelijk leek. Hier is Zijn thuis, want hier is Hij
inderdaad nodig. Hij brengt het einde van de wereld
met Zich mee. Het is Zijn Roep waaraan Gods leraren
gehoor geven, door zich in stilte tot Hem te wenden om Zijn Woord
te ontvangen. De wereld zal eindigen wanneer alles
daarin door Zijn oordeel juist beoordeeld is.
(H14.2:1-8)
De taal die hier gesproken wordt is de taal van Kerstmis: een Verlosser
die geboren is, wordt gekoesterd en groeit, hij is gekomen om
een einde te maken aan een wereld van zonde en schuld. Maar deze
Verlosser is vergeving, en niet Jezus. Wederom is datgene
wat de wereld binnentreedt een kracht die de wereld overhoop haalt.
Het idee is steeds hetzelfde: Jezus’ geboorte is een karakteristiek voorbeeld
van een veelomvattender principe: de geboorte van Christus, de
geboorte van heiligheid en vergeving in de wereld. Jezus’ geboorte
vertegenwoordigt het binnentreden in de wereld van een kracht
die tegengesteld is aan de kracht die de wereld regeert. De wereld
wordt beheerst door ego’s die met elkaar wedijveren, die proberen
te pakken te krijgen wat ze maar kunnen krijgen, zonder acht te
slaan op de verwoesting die daarbij veroorzaakt wordt. Om dit
te doen ophouden moet het tegendeel van het ego deze wereld binnenkomen
om de zaken weer recht zetten. ‘De dingen recht zetten’ – welk
diep verlangen in ons geeft dat niet weer!
Bij Kerstmis draait het erom dat heiligheid de wereld kan binnentreden
om het ego om te keren, de wereld tot eeuwigheid en liefde te
herstellen. Dat is wat er met Jezus gebeurde, en dat is wat in
onze eigen levens hoort te gebeuren.
II.
Wat
samen met Jezus in de wereld geboren werd,
kan
nú in ons geboren worden; Kerstmis kan in ons herhaald
worden.
De Cursus praat vaak over het Christuskind dat opnieuw in ons geboren wordt.
Verschillende citaten hebben het over de geboorte van Christus
binnen een heilige relatie:
Wat jou is
gegeven, zelfs in een pril stadium, staat ten volle in communicatie
met God en met jou. In volmaakte veiligheid houdt het
in zijn kleine handjes ieder wonder naar jou uitgestrekt dat jij
verrichten zult. Het wonder van het leven is leeftijdloos,
in de tijd geboren, maar gevoed in de eeuwigheid. Kijk
naar dit kindje, aan wie jij een rustplaats gaf door je broeder
te vergeven, en zie in hem de Wil van God. Hier is
het kind van Bethlehem herboren. En ieder die hem onderdak
verleent zal hem volgen, niet naar het kruis, maar naar de opstanding
en het leven. (T19.IV.(C).10:4-9)
Dit is een opmerkelijke passage. Ze suggereert dat telkens wanneer twee
mensen zich verenigen in een doel dat hun afzonderlijke belangen
overstijgt, opnieuw Kerstmis plaats vindt. Het Christuskindje
wordt binnenin hun relatie opnieuw geboren. Dit kind, alhoewel
nog klein en schijnbaar zwak, is enorm krachtig – ‘in zijn
kleine handjes houdt het ... ieder wonder dat jij verrichten zult’.
Terwijl dit kind groeit, zal het zijn dienstbaarheid door deze
twee mensen heen tot uitdrukking laten komen (dat is de betekenis
van de zin ‘ieder wonder dat jij verrichten zult’) en hen
de hele weg wijzen tijdens de reis naar de opstanding en het leven.
Waar Christus zijn intrede heeft gedaan, is
niemand alleen, want nooit zou Hij een thuis kunnen vinden in
wie van elkaar gescheiden zijn. Toch moet Hij herboren
worden in Zijn aloude woning, zo schijnbaar nieuw en toch zo oud
als Hijzelf, een kleine nieuweling, aangewezen op de heiligheid
van jouw relatie om Hem te laten leven. (T22.I.8:6-7)
Dit citaat verklaart waarom Christus geboren wordt in de vereniging van
twee mensen – ‘nooit zou Hij een thuis kunnen vinden in wie
van elkaar gescheiden zijn’. De wereld wordt gekenmerkt door
afscheiding die Hem buitensluit. Alleen door ons met elkaar te
verbinden nodigen we Hem uit. En daarom treedt Hij, zoals de andere
citaten zeggen, de wereld binnen als het tegendeel van de wereld,
als een kracht die de wereld transformeert.
Leer dat jij de
Prins van Vrede beslist waardig bent, Die in jou geboren is ter
ere van Hem wiens gastheer jij bent. (T15.III.8:4)
Het mag duidelijk
zijn dat hier met de Prins van Vrede Jezus bedoeld wordt. Als
we het hebben over Jezus die in ons geboren wordt klinkt dit als
het evangelische Christendom, maar er zijn belangrijke verschillen.
Hier zegt hij dat Jezus in ons geboren is niet omdat wij onwaardige
zondaars zijn, maar omdat we al gastheer zijn voor God. God is
al in ons, en dat maakt dat we waardig zijn Jezus in ons geboren
te laten worden. Je kunt het verglijken met de Dalai Lama die
bij ons thuis op bezoek komt omdat we de Paus al op bezoek
hebben. Hij bezoekt ons als eerbetoon voor de persoon die we al
te gast hebben.
Mijn geboorte in
jou is jouw ontwaken tot grootsheid. Verwelkom mij
niet in een kribbe, maar aan het altaar voor heiligheid, waar
heiligheid in volmaakte vrede verblijft. (T15.III.9:5-6)
Wat denk je dat ‘verwelkom mij niet in een kribbe’ betekent? Tenslotte
hebben we niet een werkelijke levend Jezuskindje dat we in een
kribbe kunnen leggen. Dat is allang voorbij – hij is opgegroeid
en heeft een hele tijd geleden geleefd. Dus wat bedoelt hij met
deze zin?
Volgens mij zinspeelt hij hier op de vele afbeeldingen van de geboorte
die we met Kerst tentoonspreiden. Het Jezuskindje in een van deze
kleine kribbes leggen – dat is hoe wij hem verwelkomen in een
kribbe. En zodoende plaatsen we hem buiten ons, in een tijd en
plaats die ver van ons verwijderd is (om hem vervolgens na Kerst
weer voor een heel jaar op te bergen!). In plaats daarvan is het
nodig dat we hem hier en nu verwelkomen. We kunnen hem voortdurend
in ons uitnodigen, op die diepe plaats in onze geest waar het
altaar van heiligheid gereed staat.
Vraag: Hoe voelt het om Jezus in onszelf uitnodigen?
Is dat een aantrekkelijk idee of roept het juist angst op? We
kunnen ons inderdaad geďnspireerd voelen door zijn heiligheid
die onze verscheurde egowereld binnentreedt. Maar kunnen we dezelfde
inspiratie ook voelen bij de gedachte dat zijn heiligheid ons
eigen verscheurde ego-denken binnentreedt?
Om dit probleem realistisch te zien, moeten we onze blik gericht houden
op de voordelen die zijn binnenkomst ons opleveren. Deze weldaden
worden in twee krachtige zinnen vastgelegd: ‘Als ik in jou
leef, ben jij ontwaakt’ en ‘Mijn geboorte in jou is jouw
ontwaken tot grootsheid’. Deze zinnen zijn beide gebaseerd
op hetzelfde idee. Jezus is ontwaakt. In zijn staat van geest
draagt hij alle grootsheid en grenzeloosheid van de Hemel. En
als hij in ons is, dan moet alles wat hij bezit ook in ons zijn.
Al wat in zijn staat van geest aanwezig is, is nu in ons. Als
hij in ons leeft moeten we dus ontwaakt zijn. Als Jezus in ons
geboren is, dan is grootsheid in ons geboren.
Visualisatie: Als je je er prettig bij voelt doe dan de volgende visualisatie. Zet even
je twijfels opzij en herinner je: wanneer je Jezus in je uitnodigt,
verwelkom je in je al wat Jezus heeft en wat hij is.
Zie jezelf jouw kerstspullen uitstallen en plaats de Kerstvoorstelling
op een tafel.
Merk op dat je Jezus in de kribbe buiten jou hebt geplaatst, in een ver
verleden tijd en plaats.
Richt nu je aandacht naar binnen, diep in je geest, naar een plaats in
jou die gevuld is met licht.
Op deze plaats zie je een altaar, een altaar toegewijd aan pure heiligheid.
Op en rondom dit altaar bevindt zich niet de geringste spoor van het ego;
alleen pure heiligheid.
Verwelkom Jezus nu op dit altaar, op welke manier ook die voor jou prettig
voelt.
Zie dit als zijn permanent thuis binnenin jou.
Visualiseer Jezus op of achter dit altaar staande, in welke vorm je maar
wilt.
En hoor hem zeggen: ‘Mijn geboorte in jou is jouw ontwaken tot grootsheid.’
Voel de grootsheid die van hem afkomstig is en in jou geboren wordt.
En dan zegt hij: ‘Als ik leef in jou, ben jij ontwaakt.’
Blijf even bij deze verklaring. Laat die diep in je geest zinken.
III.
Wanneer
Christus in jou geboren is,
word
jij de toegang van heiligheid in deze wereld
Wanneer Kerstmis zich in ons herhaalt, betekent dit dan zijn einde? Nee,
Kerstmis is juist het begin – dat weten we allemaal. Het Christuskind
dat in ons geboren wordt wil groeien en zijn werk door ons heen
uitvoeren. Het wil onze levens omkeren tot die wereld–transformerende
kracht. Het wil dat ‘onze levens de geboorte van heiligheid
in deze wereld zijn’.
Meestal associëren we de zin ‘het licht van de wereld’ met Jezus,
maar zelfs in de evangeliën vertelt hij ons dat ook wij het licht
van de wereld zijn. Hij herhaalt hetzelfde idee in de Cursus:
Jij bent met mij het licht van de wereld. (T5.II.10:3)
Ieder van ons is het licht van de wereld. (T6.II.13:5)
Wie anders is het licht van de wereld dan Gods
Zoon? Dit [Les 61: ‘Ik ben het licht van de wereld’]
is dan ook niets anders dan een uitdrukking van de waarheid over
jezelf. Het is het tegendeel van een uitdrukking
van trots, arrogantie of zelfmisleiding. Het beschrijft
niet het zelfconcept dat jij van jezelf gevormd hebt. Het
verwijst naar geen enkel kenmerk waarmee jij je afgoden toegerust
hebt. Het verwijst naar jou zoals jij door God geschapen
werd. Het drukt eenvoudig de waarheid uit. (WdI.61.1:1-7)
Kun je accepteren dat jij hier gekomen bent om te zijn wat Jezus
was: het licht van de wereld? We zijn hier niet alleen om rekeningen
te betalen, te werken, de afwas te doen en te zorgen dat de auto
blijft rijden, maar om een poort voor een kracht te zijn die het
tegendeel is van alles waar deze wereld voor staat. Zoals les
319 zegt: ‘Ik ben gekomen voor de verlossing van de wereld’.
Wat roept dit idee bij je op?
Onderwijs niet dat ik tevergeefs gestorven
ben. Onderwijs liever dat ik niet gestorven ben door
te demonstreren dat ik leef in jou ... Als ik in jou leef, ben
jij wakker. Toch dien je de werken te zien die ik door
jou heen doe, anders zul je niet zien dat ik ze jegens jou heb
gedaan. Leg geen beperkingen op aan wat jij gelooft
dat ik door jou kan doen, anders zul je niet accepteren wat ik
voor jou kan doen. (T11.VI.7:3-4,9:2-4)
Wij zijn hier om te onderwijzen dat Jezus niet gestorven is, door te demonstreren
dat hij in ons leeft. Hoeveel mensen ken je waarbij je in die
persoon zijn leven als bewijs zag dat Jezus nooit gestorven is,
omdat hij zo duidelijk in die persoon leeft? Dat is onze roep
– eerst Jezus in ons geboren laten worden, om vervolgens hem door
ons heen zijn werk te laten doen. We worden opgeroepen om het
levende bewijs te zijn dat hij vandaag de dag nog steeds in de
wereld leeft. Dit citaat zegt dat we alleen dan van zijn werkzaamheid
in ons overtuigd raken wanneer we zien dat hij door ons heen werkt.
Je zou de volgende passage op een speciale manier kunnen gaan lezen. Lees
hem heel langzaam en met volle aandacht, en vul daarbij je voornaam
of volledige naam in:
Ik [volledige naam] ben de Heilige Zoon van God Zelf.
Ik kan niet lijden, en kan geen pijn hebben,
Ik kan geen verlies lijden,
noch falen alles te doen wat verlossing me
vraagt.
En in deze gedachte is alles waar je naar kijkt
totaal veranderd.
Een wonder heeft [door deze gedachte] alle
donkere en oude spelonken verlicht, daar waar de echo van doodsrituelen
klinken sinds de tijd begon. Want de tijd heeft zijn greep op
de wereld verloren. De Zoon van God [vul je volledige naam in] is in glorie gekomen om de verlorene te redden,
de hulpeloze te verlossen en de wereld zijn gave van vergeving
te schenken. Wie zou de wereld als donker en zondig kunnen zien,
wanneer Gods Zoon [naam] eindelijk opnieuw
gekomen is om haar te bevrijden?
Jij die jezelf als zwak en broos ziet, met
weinig hoop en verwoestende dromen, geboren om te sterven, te
huilen en pijn te lijden, hoor dit: Alle macht van de Hemel en
aarde is jou [naam] gegeven. Er is niets wat jij niet kunt doen.
Jij [naam] speelt het spel van de dood, door hulpeloos te zijn, beklagenswaardig
moe van de ontbinding in een wereld die geen barmhartigheid kent
voor jou. Maar als jij [voornaam] haar genade schenkt, zal haar genade op jou schijnen.
Laat dan de Zoon van God [volle naam] uit zijn
slaap ontwaken, zijn heilige ogen openen en terugkeren om de wereld
die hij gemaakt heeft te zegenen. Het begon in een dwaling, maar
het zal eindigen in de weerspiegeling van zijn heiligheid. Hij
zal niet meer slapen en van de dood dromen. Verenig je vandaag
met mij. Want jouw glorie [voornaam] is het licht dat de
wereld verlost. Houd verlossing niet langer tegen. Kijk naar de
wereld en zie het lijden daar. [Voornaam], is
jouw hart niet bereid om jouw vermoeide broeders rust te geven?
Zij moeten wachten op jouw bevrijding. [Voornaam], Zij blijven geketend totdat jij vrij bent.
Zij kunnen de barmhartigheid in de wereld niet zien totdat jij
die in jezelf vindt. Zij lijden pijn, [voornaam], totdat jij de greep die pijn op jou heeft ontkend hebt. Zij sterven
totdat jij jouw eeuwig leven geaccepteerd hebt. Jij [volle
naam] bent
de heilige Zoon van God Zelf. Herinner je dit, en de hele wereld
is vrij. Herinner je dit, en de Hemel en aarde zijn één.’ (WdI191.7:3-11:8)
Vraag: Welk effect
had deze oefening op jou? Wat heeft het je opgeleverd?
Laten we tot slot de volgende regels voor onszelf herhalen:
Ik ben het licht van de wereld.
Dat is mijn enige functie.
Daarom ben ik hier.
Ik ben gekomen voor de verlossing van de wereld.
(WdI.61.5:3-5) en (les
319)
Denk even een korte tijd na over deze ideeën, liefst met de ogen gesloten
wanneer de situatie het toelaat. Laat enkele aanverwante gedachten
opkomen [probeer
dit echt te doen – dus wanneer je de zinnen herhaalt, probeer
dan spontaan gedachten die ermee te maken hebben toe te laten]
en herhaal de hoofdzin ‘Ik ben het licht van de wereld’ steeds
wanneer je geest dreigt af te dwalen [probeer ook dit echt
te doen – als je geest afdwaalt te zeggen: ‘Ik ben het licht
van de wereld’]. (WdI.61.5:1-7)
Verzoek: Kun jij, voor dit moment in ieders geval,
anders over je leven denken? Kun je zien dat er misschien iets
ontbreekt in je leven, dat je nu bewust wordt dat je in werkelijkheid
voor méér dan alleen voor jezelf bestaat? Dat je
hier bent om een kracht te zijn die de wereld transformeert en
dat je de toegang bent voor heiligheid in een ego-gedomineerde
wereld, dat je hier bent om het licht te zijn in een
donkere wereld?
Voor mij is dit idee zo ego-transformerend dat ik het moeilijk vind om
het voortdurend in mijn gedachte vast te houden. Het komt en gaat.
Maar het blijft terugkomen, steeds met meer volharding, en vaker
en met meer passie. Op dit punt heb ik er vertrouwen in dat het
mij niet meer laat gaan, dat het terug wil blijven komen tot op
de dag dat ik zal denken dat dit mijn leven is en hoe ik
mijn leven leef.
|