Zijn alle gebeurtenissen
en omstandigheden in ons leven voorbestemd - of hebben we vrije
keuze?
Het standpunt van de Cursus ten aanzien van het eeuwenoude
vraagstuk van voorbestemming versus vrije wil is geworteld in
zijn ideeën over de aard van de tijd. De ideeën van de Cursus
over de tijd gaan, op z’n zachtst gezegd, ons verstand te boven,
en ik besef dat ik ze nog steeds niet volledig begrijp; niettemin
kan ons begrip ervan zeker toenemen als we de Cursus zorgvuldig
lezen. Zoals ik het nu begrijp is het standpunt van de Cursus
in de kwestie van voorbestemming versus vrije keuze als volgt
(van nu af aan zal ik de term ‘vrije keuze’ gebruiken in plaats
van ‘vrije wil’, omdat strikt genomen ‘vrije
wil’ in de Cursus niet refereert aan keuze, maar aan de
ongedeelde wil die wij met God delen). - Ik ben Robert Perry dank
verschuldigd voor zijn onderzoek naar de visie van de Cursus op
de tijd, die ik in dit antwoord heb meegenomen.
Kort antwoord:
Alle
gebeurtenissen en omstandigheden zijn voorbestemd in die zin dat
ze allemaal deel uitmaken van het draaiboek van de Heilige Geest
van onze reis door tijd en ruimte, een reis die al volbracht is.
De Cursus is er zeer duidelijk in dat onze reis door
tijd en ruimte niet zomaar willekeurig is, maar in feite een vooraf
vastgesteld draaiboek volgt:
‘Toch zit er achter alle verschijningsvormen een plan dat niet verandert.
Het draaiboek is geschreven.’ (WdI.158.4:2-3)
Wie heeft dit draaiboek geschreven? Welnu, onze eigen
keuzes hebben er zeker aan bijgedragen en in dit opzicht hebben
we vrije keuze. In feite zegt de Cursus dat wij alle
specifieke gebeurtenissen en omstandigheden in ons eigen leven
zelf gekozen hebben.
‘Ik ben
verantwoordelijk voor wat ik zie.
Ik kies de gevoelens die ik ervaar en beslis welk
doel ik bereiken wil.
En ik vraag om alles wat mij lijkt
te overkomen, en ontvang zoals ik heb gevraagd.’ (T21.II.2:3-5)
Maar in werkelijkheid is de Heilige Geest de auteur
van het draaiboek; de Cursus zinspeelt hierop wanneer hij verwijst
naar ‘Hem die het draaiboek van de verlossing geschreven heeft
in de Naam van Zijn Schepper’ (WdI.169.9:3). Hij nam al het ‘verhalenmateriaal’ dat wij
hem gaven en verwerkte dit in ‘het draaiboek van de verlossing’,
een draaiboek van onze hele reis door tijd en ruimte, een reis
van afscheiding naar verlossing.
Dit idee dat de Heilige Geest onze keuzes heeft verwerkt
in Zijn draaiboek voor de verlossing helpt ons om twee schijnbaar
tegenstrijdige ideeën in de Cursus met elkaar te verzoenen: het
idee dat alle gebeurtenissen het gevolg zijn van onze keuzes (zoals in T21.II.2:3-5
en T21.II.3:1-3), en het idee dat alle gebeurtenissen liefdevol zijn
gepland door de Heilige Geest (zoals in WdI.135.18:1-4). Het helpt ons ook
een antwoord te geven op de nijpende vraag: ‘Als de Heilige Geest
het hele draaiboek heeft geschreven, waarom zitten er dan zoveel
pijnlijke gebeurtenissen in? Betekent dit dat Hij ons pijn oplegt?’
Nee, de pijnlijke gebeurtenissen zijn het gevolg van onze eigen
egokeuzes, die de Heilige Geest wel in Zijn draaiboek moest
verwerken, omdat Hij onze vrije keuze niet mocht schenden (liefde
dringt zich nooit met geweld op). Maar Hij kon wel onze keuzes herinterpreteren in het
licht van Zijn verlossingsdoel en nam daarom zelfs onze donkerste
dromen en verweefde die tot een tapijt van licht. Omdat de Heilige
Geest het draaiboek heeft geschreven, kunnen wij erop vertrouwen
dat alle gebeurtenissen en omstandigheden in ons leven, ongeacht
hun verschijningsvorm, uiteindelijk tot ons welzijn zullen leiden:
‘Wat zou je niet kunnen accepteren, als je maar wist dat alles wat plaatsvindt,
alle gebeurtenissen in verleden, heden en toekomst, liefdevol
gepland zijn door Degene wiens enige doel jouw welzijn is? Misschien
heb je Zijn plan verkeerd begrepen, want Hij zou je nooit pijn
geven. Maar jouw verdedigingen lieten niet toe Zijn liefdevolle
zegening te zien stralen in elke stap die je ooit hebt gezet.
Terwijl jij plannen maakte voor de dood, leidde Hij je zachtjes
naar eeuwig leven.’ (WdII.135.18:1-4)
Ons leven volgt dus het liefdevolle draaiboek van
de Heilige Geest. Maar de Cursus vertelt ons ook dat, in waarheid,
de vergissing van de afscheiding (inclusief alle gefragmenteerde
vormen die deze vergissing aannam) en de correctie van de Heilige
Geest (inclusief al Zijn specifieke correcties van deze gefragmenteerde
vormen) in één ogenblik plaatsvonden; de hele afscheiding duurde slechts ‘een
nietig ogenblik’ (T26.V.3:5) en ‘ging in de Hemel zo snel voorbij dat niets
had opgemerkt dat het gekomen was’ (T26.V.5:1). De tijd, en onze
hele reis erdoorheen, is in feite een illusie die al opgeheven
en voorbij is. Waarom ervaren we haar dan als zo’n lange tijdsspanne?
Omdat, hoewel de afscheiding eigenlijk al opgeheven is, een deel
van onze geest er nog steeds aan vast wil houden. En aangezien
zij in feite al voorbij is, is de enige manier om eraan vast te
kunnen houden, onze herinneringen
eraan vast te houden. Dat is volgens de Cursus precies wat we
almaar doen: ‘Je houdt een oeroude herinnering voor ogen’ (T26.V.5:6). Als we het draaiboek
van de Heilige Geest doorlopen zijn we in werkelijkheid bezig
‘mentaal opnieuw te zien wat is voorbijgegaan’ (WdI.158.4:5). Net als iemand
die seniel is, leven we slechts in onze herinneringen.
We kunnen onze ervaring van onze reis door tijd en
ruimte vergelijken met het kijken naar een film op de video (alleen
maken we in dit geval deel uit van
de film zelf). Het draaiboek is geschreven,
en het enige wat we doen is naar een film kijken die al
opgenomen is. Omdat hij al opgenomen is kunnen we niet echt iets doen om de film zelf te veranderen.
In dit opzicht zijn alle gebeurtenissen en omstandigheden in ons
leven inderdaad voorbestemd (gelukkig inclusief het happy end
van onze film: de verlossing). Er is echter één belangrijk ding
dat we wel kunnen doen om onze ervaring
van de film te veranderen: we kunnen wonderen
geven en ontvangen.
We
hebben vrije keuze in die zin dat we vrijelijk wonderen kunnen
geven en ontvangen, wat een omslag teweegbrengt in onze waarneming
van de gebeurtenissen binnen het draaiboek en ons tegelijkertijd
door delen ervan ‘versneld vooruitspoelt’.
Ik kan me twee manieren voorstellen waarop wonderen
onze ervaring van de reis door tijd en ruimte kunnen veranderen.
De eerste en belangrijkste: wonderen veranderen onze waarneming
van de gebeurtenissen en omstandigheden in ons leven. Dezelfde
fysieke gebeurtenissen of omstandigheden zullen volkomen anders
gezien worden door de visie van Christus dan door de ogen van
het ego. Wonderen stellen ons in staat ‘de liefde achter de haat’
te zien, ‘de bestendigheid in de verandering, het zuivere in de
zonde en niets dan de zegen van de Hemel over de wereld. (WdI.151.11:3). Ze onthullen ons
‘de liefdevolle zegening van de Heilige Geest, die straalt in
iedere stap die we zetten’ (zie WdI.135. 18:3). Hoewel we dus misschien, los van onze waarneming,
door hetzelfde draaiboek heengaan, zal onze ervaring van het draaiboek volslagen anders zijn als we ervoor kiezen
te kijken via de heilige waarneming die het wonder ons brengt.
Op de tweede plaats verandert het wonder onze reis door het draaiboek werkelijk, door
ons in staat te stellen delen ervan over te slaan en er dus sneller
doorheen te gaan. Ons wordt verteld dat ‘het wonder het enige
middel is dat jou ter beheersing van de tijd direct ter beschikking
staat’ (TI.1.48:1). Aangezien het een
middel is om tijd te beheersen, komt het wonder zelf van buiten
de tijd, van buiten het draaiboek; het ‘brengt een tijdsinterval
tot stand buiten het patroon van de tijd, niet onderhevig aan
de gebruikelijke tijdswetten’ (TI.1.47:2). Met andere woorden:
onze keuze om wonderen te geven en te ontvangen is niet vooraf
vastgelegd door het draaiboek; het is een waarlijk vrije keuze.
Volgens de Cursus is dit de enige vrije keuze die we hebben.
Hoe zit het dan met de andere dingen die wij volgens
de Cursus vrij kunnen kiezen? Op sommige plaatsen vertelt hij
ons dat onze enige vrije keuze is of we naar het ego luisteren
of naar de Heilige Geest (VvT.I.7:1) en op andere plaatsen dat we de leerstof zelf niet kunnen kiezen, maar
wel wanneer we het willen leren
(T.in.1:3-5 en HvL2.3:6-7). Volgens mij zijn dit gewoon verschillende manieren
om hetzelfde te zeggen: we kunnen het wonder kiezen (en dit is de keuze voor de Heilige Geest en is de keuze om Zijn leerstof te leren)
of we kunnen het wonder weigeren (en dit is
de keuze voor het ego en is
de keuze om het leren van de leerstof van de Heilige Geest te
vertragen).
Wonderen zijn dus het enige middel dat ons ter beschikking
staat om het draaiboek van de tijd te beheersen. En hoe beheersen wonderen de tijd dan? De
volgende passage geeft ons het antwoord:
‘Het wonder brengt de noodzaak van tijd tot een minimum
terug. In het longitudinale of horizontale vlak schijnt de erkenning
dat de leden van het Zoonschap gelijk zijn, een schier eindeloze
tijd te vergen. Het wonder gaat echter gepaard met een plotselinge
omslag van horizontale naar verticale waarneming. Dit voert een
tijdsinterval in van waaruit zowel gever als ontvanger verderop
in de tijd uitkomen dan waar ze anders zouden zijn geweest. Zo
heeft het wonder de unieke eigenschap de tijd op te heffen in
de mate waarin het de tijdsspanne die het overbrugt, overbodig
maakt. Er is geen verband tussen de tijd die een wonder duurt
en de tijd die het overspant. Het wonder vervangt een leerproces
dat anders misschien duizenden jaren in beslag zou hebben genomen.
Het wonder bekort de tijd door die samen te vouwen, met als gevolg
dat bepaalde tijdsspannen daarbinnen verdwijnen. Het doet dit
evenwel binnen het grotere verloop van tijd.’ (T1.II.6:1-7, 9-10)
Dit is een verbazingwekkende passage. Ze zegt ons dat
we door wonderen te doen (of te ontvangen) reusachtige stukken
tijd kunnen overslaan, zelfs duizenden jaren. Dit betekent niet
dat wij de chronologische tijd overslaan; het is niet
zo dat ik in het jaar 2000 een wonder ervaar, 1000 jaar bespaar
en me vervolgens in het jaar 3000 bevind. Veeleer plaatst het
zowel de gever als de ontvanger verder vooruit op de tijdslijn
van hun spirituele ontwikkeling;
het ‘vervangt een leerproces’ dat anders misschien een heel lange
tijd zou hebben geduurd. En zo ‘maakt het de tijdsspanne die het
overbrugt overbodig’; het slaat letterlijk dat deel van het draaiboek
over waar we anders doorheen hadden moeten ploeteren om dat niveau
van spirituele ontwikkeling te bereiken. Zo maken wonderen het
ons mogelijk de ‘vooruitspoelknop’ op de video in te drukken en
complete scènes van de film over te slaan. Dit bespaart tijd en
dat is uiteindelijk heel het doel van ‘Een Cursus in Wonderen’:
‘deze Cursus doet geen poging meer te onderwijzen dan (anderen)
in de loop der tijd hebben geleerd, maar beoogt wel tijd te besparen’
(T18.VII.4:5).
Kortom:
hoewel het draaiboek al geschreven is (voorbestemming), is onze
beleving ervan en de snelheid van onze reis erdoorheen aan ons
(vrije keuze). Er zijn dus vele manieren waarop het draaiboek
van de Heilige Geest zich daadwerkelijk in de wereld kan voltrekken.
Als ik het ‘tijdsbesparende’ aspect van wonderen toepas
op ons vraagstuk over voorbestemming versus vrije keuze, vertelt
dit mij dat, hoewel er slechts één onveranderlijk draaiboek is,
er een enorm scala aan mogelijkheden is hoe dat draaiboek zich
werkelijk in de wereld zal voltrekken. Alles wat gebeurt is inderdaad
deel van het draaiboek (behalve de keuze om wonderen te geven
en ontvangen), dus in die zin is er sprake van voorbestemming.
Maar aangezien alle mensen op verschillende manieren door hun
‘sub-draaiboek’ heengaan (sommigen
géven meer wonderen dan anderen, anderen ontvángen er meer, de
een bespaart 100 jaar hier, de ander 1000 jaar daar) moet het
aantal manieren waarop dingen zich werkelijk in ruimte en tijd
kunnen ontvouwen wel ontzaglijk zijn.
Voor mij betekent dit dat het volstrekt onmogelijk
is specifieke gebeurtenissen met zekerheid te voorspellen. Zelfs
Jezus was hiertoe blijkbaar niet in staat met betrekking tot het
leven van Helen en Bill. Doelend op een bijzondere situatie die
zich op een dag aan Helen en Bill voordeed zei hij: ‘toch weet
ik niet welke beslissing de betrokkenen bij deze gebeurtenis later
op de dag zullen maken’ (Absence from
Felicity, door Ken Wapnick, blz. 290). Het lijkt dus duidelijk dat geen enkele specifieke
gebeurtenis in ons leven echt voorbestemd is in die zin dat er
absoluut niets is wat wij kunnen doen om het te verhinderen. Veronderstel
bijvoorbeeld dat in het draaiboek van de Heilige Geest staat dat
ik kanker zal krijgen (denk eraan dat de Heilige Geest mijn
kanker alleen maar in het draaiboek heeft geschreven omdat
ik erop heb aangedrongen, het was mijn beslissing). Deze
kanker is deel van het
draaiboek, dus in die zin is hij voorbestemd. Maar ik heb nog
steeds een keuze: ik kan een wonder geven (of van iemand anders
een wonder ontvangen), en als ik dat doe kan ik dat deel van het
draaiboek misschien compleet overslaan en helemaal geen kanker
krijgen. Omdat onze keuzes ons naar andere delen van het draaiboek
laten springen bepalen ze in belangrijke mate wat er werkelijk in ons leven gebeurt. Ik denk
dus niet dat er voorbestemming is in de absolute betekenis van:
‘het gaat gebeuren en je bent machteloos om er iets aan te doen’.
Het denkbeeld van één vooraf vastgesteld draaiboek
en van vele wegen die we kunnen kiezen om erdoor heen te gaan,
roept allerlei vragen op. Ik denk dat het voor onze beperkte geest
gewoon te groots en te gecompliceerd is om het ons ooit voor te
stellen; een analogie echter die ik behulpzaam vind is het draaiboek
van de Heilige Geest te vergelijken met de ‘Kies je eigen avontuur’-boeken
voor kinderen. Dit zijn interactieve verhalen waarin het kind
dat het leest zelf ‘de held’ is van het verhaal en keuzes moet
maken die bepalen hoe het verhaal zal aflopen. Onderaan iedere
bladzijde kan het kind kiezen wat er vervolgens in het verhaal
zal gebeuren, en dan staat er: ‘Als je optie A kiest, ga dan naar
blz. 23; als je B kiest, ga naar blz. 26’. Iedere keuze zal leiden
naar een andere uitkomst, die het kind weer voor een aantal nieuwe
keuzes plaatst, enzovoort. En zo kan hetzelfde, vooraf vastgelegde
boek (want het boek is natuurlijk al geschreven) niettemin op
talrijke manieren doorgenomen worden, afhankelijk van de vrije
keuzes van het kind.
Misschien is het draaiboek van de Heilige Geest iets
dergelijks. Er ontvouwen zich gebeurtenissen in ons leven, die
allemaal deel uitmaken van het vooraf vastgestelde draaiboek van
de Heilige Geest, een draaiboek dat leidt naar het onvermijdelijke
happy end van verlossing. Maar terwijl de gebeurtenissen van het
draaiboek zich ontvouwen, worden wij voortdurend voor een keuze
geplaatst die zal bepalen hoe wij het draaiboek ervaren, hoe snel
we er doorheen gaan en welke delen ervan werkelijk in ons leven
zullen plaatsvinden. Terwijl wij door het ‘boek’ van ons leven
heengaan, worden we ieder ogenblik voor onze keuzemogelijkheden
geplaatst: ‘Als je een wonder kiest: ervaar vreugde, sla 1000
bladzijden over en ga naar blz. 10.214. Als je kiest voor het
ego: ervaar pijn en ga naar de volgende bladzijde’.
Ik ben er niet helemaal zeker van of deze analogie
wel klopt en het laat nog steeds allerlei vragen onbeantwoord
hoe onze individuele ‘boeken’ allemaal op elkaar inwerken. Maar
het geeft tenminste een mogelijke verklaring voor de vraag hoe
we tegelijkertijd een vooraf vastgesteld draaiboek én werkelijk
vrije keuze kunnen hebben.
Ik denk niet dat we precies hoeven te weten hoe het
allemaal in elkaar zit, gelukkig maar. Wat we naar mijn mening
wel moeten onthouden is:
1. Omdat het draaiboek al geschreven is en eindigt
met onze verlossing, is onze terugkeer naar God onvermijdelijk. Als wij inderdaad al door het draaiboek heen zijn
gereisd en we enkel een herinnering eraan herbeleven, zijn we al teruggekeerd. Aangezien de hele reis slechts een illusie
is zijn we in feite nooit
echt weggeweest.
2. Toch hebben we belangrijke keuzes te maken in deze
wereld. We kunnen wonderen
kiezen, wat onze waarneming van de gebeurtenissen en omstandigheden
in ons leven zal transformeren tot een meer vreugdevolle waarneming
en ons en onze broeders tevens zal helpen sneller onze gelukkige
hereniging met God tegemoet te gaan.
Laten we dus wonderen kiezen. Laten we tijd besparen.
En als we dat doen, laten we ons dan herinneren dat ‘iedere samenvouwing
van de tijd iedereen dichter bij de uiteindelijke verlossing van
de tijd brengt, waarin de Zoon en de Vader Een zijn’ (T1.V.2:4).
WIL
JE DIT ARTIKEL UITPRINTEN?
Selecteer dan het tekstgedeelte van boven naar beneden door
de linkermuisknop ingedrukt te houden;
klik met rechts > copiëren; open een nieuw Word-document
en plak het erin. Voilà!
De
artikelen werden vertaald met vriendelijke toestemming van
'The Circle of Atonement'.
De citaten werden uit het Engels vertaald vanuit 'A Course
in Miracles', Foundation for Inner Peace, 1992.
Op
de artikelen van 'the Circle of Atonement' en van 'het wonder'
rust copyright.
|
|